Voormalig Delta Lloyd zakt verder weg

Nationale-Nederlanden Amsterdam,

Postbus 1000

1000 BA  Amsterdam

Den Haag,      7 mei 2019

Ons kenmerk: JB RB 081121/1224PS

Uw kenmerk: 6326789

Betreft : De heer B., ongeval 20-11-2008, Letsel: Whiplash

Geachte heer,

U had mij beloofd ook naar de zaak B. vs Delta Lloyd te kijken   – u komt uw toezegging helaas niet na – waar de part time dossierbehandelaar mevrouw v.D.  sinds 2008 gespecialiseerd is in korte “afhoudbriefjes” en naar verluidt met andere kwesties druk doende is en vaak niet aanwezig is en frequent maanden laat verstrijken voordat zij met een nietszeggend antwoord komt. Illustratief bevestigend is de brief van 21 december 2018 van mevrouw v.D. waarin zij meldt spoedig op de zaak terug te komen en dat “realiseert” bij brief van 25 april 2019 ofwel 4 maanden later. Dit is geen uitzondering in dit dossier dat voor mij ligt.

Bezie ik de kwaliteit van de brief d.d. 25 april 2019 van mevrouw v.D. dan vallen mij wederom gevoelens van treurnis ten deel. Zij citeert daarin een aantal zinnen uit een advies van een medisch adviseur (wie?) en doet daarmede niet alleen aan cherry picking maar bovendien is hier sprake van schending van Beginsel 6 van de Gedragscode Behandeling Letselschade juncto de Medische Paragraaf:

“Een belangrijke goede praktijk is dat het medisch advies, en de wijze van totstandkoming daarvan, transparant en controleerbaar zijn. Daartoe bevat het medisch advies allereerst een overzicht van alle opgevraagde en geraadpleegde medische informatie en van de gestelde vragen. De medisch adviseur adviseert bij voorkeur schriftelijk. Partijen stellen de medische adviezen waarop zij zich beroepen, ter beschikking aan elkaar. Een toelichting op deze regels en goede praktijken staat in § 4 van de ‘Medische paragraaf “.

Ik eis dus directe doorzending van u van het advies van uw medisch adviseur en diens naam en woonplaats. Diens rapport gaat naar Prof. Dr. Scheltens, neuroloog en daarna naar mijn medisch adviseur voor nader commentaar. Dacht u werkelijk dat het onzinnig verhaal van Delta Lloyd over het ontbreken van spierspanning bij cliënt van enige betekenis is? Welke medisch onverlaat wil dit op papier zetten? Is spierspanning voor zover dat juist is het simplistische criterium voor erkenning van het whiplash letsel met diverse verschijnselen zich uitend in velerlei beperkingen?

Delta Lloyd wenste geen medische expertise en kondigde meerdere malen aan tot sluiting van het dossier over te gaan en de wijze waarop Delta Lloyd en haar medisch adviseur zich uitten over het door cliënt aangegeven klachtenpatroon kwalificeer ik als abject en infaam en wederom strijdig met al die “mooie beginselen” van de Gedragscode Behandeling Letselschade en bevestigt mijn opvatting dat dit door ambtenaren en verzekeraars bedacht convenant een dode letter is (en niet eens sancties kent dan in het uiterste geval uitsluiting!).

Cliënt heeft dan ook met eigen financiële middelen – hoewel Delta Lloyd ernstig tekort schoot in bevoorschotting jegens cliënt die arbeidsongeschikt was – een expertise bij de gerenommeerde hoogleraar Prof. Dr. Scheltens aangevraagd omdat Delta Lloyd niet mee wenste te werken aan dit onderzoek en cliënt als eisende partij ex artikel 150 Rechtsvordering zijn schade aannemelijk dient te maken. Het verbaast mij dan ook dat mevrouw v.D. aangeeft dat na ontvangst van het medisch expertiserapport Delta Lloyd zich niet kan vinden in het eenzijdig onderzoek van de genoemde Hoogleraar maar ineens wel in is om in onderling overleg een (nieuwe) medische expertise door een neuroloog in te stellen. Met alle respect maar als u opzettelijk de boot zonder u laat vertrekken moet u achteraf zich niet beklagen dat u de boot gemist heeft!

Ik begrijp overigens totaal niet dat mevrouw v.D. nog in najaar 2018 vraagt om toezending van het expertiserapport van Prof. dr. Scheltens. Hoe valt het te verklaren dat maanden daaraan voorafgaand Delta Lloyd meldt dat haar medisch adviseur het niet eens is met het rapport van deze hoogleraar? Wie is hier in de war?

Wederom kort door de bocht komt mevrouw v.D. met het “kermisverhaal” aan dat de impact van de aanrijding laag is. Ik heb uitvoerig hierover bericht bij brief van 07 juni 2018 + bijlagen waaronder foto’s van de zware frontschade aan de auto van uw verzekerde, maar zoals gebruikelijk denkt de dossierbehandelaar met een paar nietszeggende zinnen – of helemaal niet – er mee weg te komen en parkeert dit dossier weer voor maanden in de kast.

Enkele jaren geleden heb ik de fiscale jaarrapporten inzake de opgerichte bedrijven van cliënt toegezonden. Ergo, tijdens een bezoek aan mijn kantoor van schaderegelaar de heer R. heb ik hem deze die rapporten in handen gesteld en verzocht na bestudering daarvan samen met mij cliënt te bezoeken. Daar had de heer R. naar eigen zeggen “helemaal geen zin in”, dat is aan de Binnendienst” en gaf de jaarstukken met enig cynisme aan mij terug.

Eerst jaren later reageert de dossierbehandelaar bij brief van 25 april 2019 daar ad libitum met een kort vluggertje op en nog steeds heeft zij niet door waar het om gaat hoewel ik lappen papier hierover ter verduidelijking aan haar heb verstuurd. Welnu nog een keer, nu in de herhaling soms de kracht van de argumenten zich toont: Ten tijde van het onderhavig ongeval in 2008 (!) was cliënt doende een aantal bedrijven in de ICT sfeer op te richten.Tot op de dag van vandaag kan cliënt niet 100% functioneren omdat hij wordt gehinderd door diverse ongevalsklachten zoals concentratiestoornissen, zware hoofdpijnen, snel vermoeid en nog zoveel meer waarover Prof. Dr. Scheltens uitvoerig rapporteerde.

In tegenstelling tot arbeiders in loondienst zoals bij verzekeraars die zich gemakkelijk ziek kunnen melden maar hun salaris behouden, zijn Ondernemers doorgaans niet verzekerd tegen arbeidsuitval en is het gevoel voor verantwoordelijkheid voor de eigen Onderneming veel hoger dan de loondienstarbeider. Hoewel ziek werkt hij door, vaak tegen beter weten in, ook al gaat dat ten koste van de normale arbeidsproductiviteit. Zo ook bij cliënt die niettegenstaande zijn ongeval kwetsuren trachtte aan het werk te blijven in een tijd dat hij met de oprichting van zijn bedrijven doende was en dat met gedeeltelijk succes realiseerde dat evenwel buitenproportioneel veel van hem heeft gevergd.

De lijn die ik al jaren voorstel is dat er eerst medische expertise(s) plaats vindt en daarna een economische analyse door een bedrijfseconoom die geacht wordt aan de hand van de jaarstukken die vanaf 2008 voorradig zijn over de bedrijven van cliënt een rapport op te maken in de situatie zonder en door het onderhavig ongeval wat bedrijfsprestaties betreft en het persoonlijk inkomen van cliënt. Dat is de enige en professionele wijze van het vaststellen van een schade bij een zelfstandig Ondernemer maar is kennelijk te moeilijk om te bevatten voor de dossierbehandelaar mevrouw v.D. die nu na 10 jaar volstrekt niet onderbouwd even € 7.500 voorstelt incluis wettelijke rente. Dit schiet bij mij echt in het verkeerde keelgat en kwalificeer ik als amateuristisch optreden ten top en hoort niet in een hoog ontwikkelde letselschadebranche plaats! We staan hier niet op de markt in Amsterdam kousen te verkopen!

Meerdere malen heb ik verzocht om een voorschot op mijn bgk (de teller staat op inmiddels € ) maar mevrouw v.D. heeft niet het fatsoen om daar maar iets over te zeggen en zwijgt in alle talen. Er is dus in 10 jaar tijd € 0,00 betaald aan mijn behandelingskosten en als u denkt dat ik daarom de pen neerleg moet ik u teleurstellen: de temperatuur gaat gestaag verder omhoog en de bereidheid tot het treffen van een minnelijke regeling neemt zienderogen af!

In dit dossier zijn er vele momenten waarin Delta Lloyd ofwel het huidige Nationale-Nederlanden Amsterdam flagrante schending van de Gedragscode Behandeling Letselschade kan worden verweten. Dat levert pagina’s aan ondersteunend bewijs op maar ik ben echter klaar met deze zaak en met de vestiging te Amsterdam van waaruit mensen luidkeels van meet af aan hebben geroepen het niet eens te zijn met de overname door het concern Nationale-Nederlanden en niet naar Den Haag zullen afreizen om daar te werk worden gesteld. Deze “azijnachtige houding” van ernstig gefrustreerd personeel tref ik en collega’s in de branche steeds weer aan bij het voormalige Delta Lloyd bij de behandeling van letselschadezaken en raakt de bedrijfsvoering van een Verzekeraarsconcern met verregaande maatschappelijke verantwoordelijkheid die zij zoals betoogd ernstig verzuimt en slachtoffers van letselschade financieel in de kou laat staan.

Over deze gang van zaken schreef ik het NN Moederconcern aan, zie de bijgaande brief.

 

Met vriendelijke groet,

Johannes de Bruin

debruin@claimzorg.nl

« « Vorige bericht:  Harde verzekeraars pegels beter dan pot met pillen van de huisarts | Volgende bericht:  IKEA schiet tekort bij valpartij klant met letselschade » »